Het avontuur naar Bocas del Toro

Spoiler: eind goed al goed

Na een paar dagen Panama-stad, gaan we deze achter ons laten. Vroeg in de ochtend staan we op, iets dat nog altijd geen probleem blijkt te zijn vanwege onze nog steeds voortdurende jetlag. Elk nadeel heb zijn voordeel om maar eens een wijs iemand te citeren. De koffers worden ingepakt alsof we fanatiek een potje aan het tetrissen zijn. Gelukkig dat ik daar een ster in ben, want er mag slechts één koffer met maximaal 12 kilogram aan bagage per persoon mee op de binnenlandse vlucht naar Bocas del Toro. Dit zijn trouwens negen bounty-eilandjes die liggen aan de grens met Costa Rica en zeker een bezoekje waard blijken te zijn.  

Koffers gepakt, taxi gebeld én deze keer weer netjes een prijs afgesproken. Wat leer je toch snel als het je geld kost 😀 Onderweg regent het pijpenstelen en wordt ons duidelijk gemaakt dat we toch écht in het regenseizoen zitten. De hoogste tijd dus om Panama-stad te verlaten en te vertrekken om een nieuwe regio in Panama te ontdekken. We vliegen nu trouwens niet via de grote internationale luchthaven van Panama-stad, maar via Albrook, het kleine broertje. Ingecheckt, koffers ingeleverd en op naar de handbagagecontrole. En ja hoor, toch niet goed genoeg getetrist (als dit al een woord is). De DEET zit nog ergens verstopt in de rugzak. Het kapitaal (want 40% DEET is héndig duur) wordt netjes in de prullenbak gemikt door de douanier. En nu wachten, want dat is wat je doet op een luchthaven.

Het vliegtuig komt door de nog altijd aanwezige zondvloed eindelijk voor’varen’ en we stappen in. Motoren aan en op weg naar de startbaan. Daar flink de motoren laten loeien, vertrekken en vervolgens NIET opstijgen, maar vol in de ankers. Uhm, wat is dit dan nou? De piloot speelt nog een beetje met het toerental van de motor en gaat het dan nogmaals proberen. Ik heb geen vliegangst, helemaal niet, dus mijn handen zullen wel klam zijn van de warmte hier in de tropen 😉 Ook een tweede poging lukt niet, dus rijden we weer terug naar de vertrekhal. We worden onthaalt als Willem-Alexander en Maxima, allemaal mensen die ons paraplu’s boven het hoofd houden om te zorgen dat wij niet nat worden. Alleen de rode loper ontbreekt.

(ei)land in zicht!

We krijgen te horen dat het toestel gerepareerd gaat worden en dat we een drankje kunnen gaan halen en dat we wel horen als het zover is. Ik bestel een warme chocomelk (het regent, dus dat kan best met de Nederlandse winter geassocieerd worden) en al vrij snel mogen we weer naar de vertrekhal. Deze keer levert de handbagagecontrole geen problemen op, een leerzame trip dit 😀 Tot mijn opluchting zie ik dat we niet weer in het gehandicapte toestel hoeven te stappen, maar in een vervangend, wél vliegend vliegtuig. Toch weer even spannend dat opstijgen, maar de zenuwen zijn over zodra we vanuit de regen de stralende zon in vliegen. Bocas del Toro, here we are!

 

 

Uitzicht vanaf ons terrasje

We landen op Isla Colón en overnachten in Colón town. Een super klein en relaxt dorpje (tevens het enige) op het eiland. Lopend vanaf de luchthaven naar het hotel is een kippensprong. Tegenover het hotel ligt een hostel waar we een welverdiend koud biertje wegtikken met uitzicht op het water. Hiervoor zijn we naar hier gekomen! In de avond lopen we naar een knus Caraïbisch restaurantje genaamd Capitan Caribe en zijn blij dat we een paraplu bij ons hebben. Gelukkig heeft het restaurant twee tafels die onder een dakje staan. Heerlijk gegeten en vervolgens ook heerlijk geslapen. Klaar voor een nieuwe dag dus. We maken een boottour tussen de verschillende eilanden, op zoek naar luiaards, dolfijnen en een écht bounty eiland. Hierover meer in een volgend blog.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *